BLOGG 35 (Bezonnen Lezingen Over Gender & Gezondheid)

Mijn mannelijke zelf: wat heb ik geleerd?

Vier jaar geleden schreef ik de eerste BLOGG op deze site over sekse, gender en medische zorg. Hierin vroeg ik mij af wat er allemaal anders zou zijn als ik mijn mannelijke zelf zou zijn geweest. Ik kon toen bedenken dat ik geen Judith zou hebben geheten maar Martijn, net als mijn man die dan waarschijnlijk mijn man niet zou zijn geweest. Maar wat dat zou betekenen voor mijn gezondheid wist ik nog niet.

Ik wist wel al dat vrouwen meer lichamelijke klachten rapporteren, en ook vaker naar de huisarts gaan, en stelde daar een aantal vragen over. Zorgen hun biologische kenmerken er voor dat zij het zwakke geslacht zijn? Of spelen er ook andere zaken een rol? Zou de huisarts mijn mannelijke zelf beter onderzoeken en eerder doorsturen naar een specialist? En ligt dat dan aan de huisarts, of zou mijn mannelijke zelf misschien ook anders over lichamelijke klachten praten tegen de huisarts? Maakt het daarbij ook nog uit of ik relatief veel mannelijke of juist veel vrouwelijke kenmerken zou hebben?

In die eerste BLOGG schreef ik dat wij hoopten op deze vragen een antwoord te kunnen gaan geven. Inmiddels is het project waar deze website bij hoort afgerond, en hebben wij een aantal antwoorden gevonden. Het eerste wat wij ontdekten, was dat het helemaal niet zo eenvoudig was om goed uit te vragen wat de sekse en gender van iemand zijn. Met hulp van ons patiëntenpanel kwamen we op een formulering die nu in de grote Nederlandse Lifelines studie wordt uitgevraagd. Aranka schreef over deze zoektocht een paper en won er een internationale prijs mee. Ons eerste paper beschreef dat zowel vrouwelijk geslacht als vrouwelijke eigenschappen samenhangen met veelvoorkomende lichamelijke klachten. Ook vonden we dat vrouwelijk geslacht samenging met langdurige klachten, terwijl vrouwelijke eigenschappen daar juist tegen leken te beschermen. Het hulpzoeken bij de huisarts voor lichamelijke klachten bleek niet zozeer samen te hangen met vrouwelijke eigenschappen, maar voornamelijk met vrouwelijk geslacht.

Over communicatie over klachten vonden we vooral dat er juist veel minder verschillen waren tussen mannen en vrouwen dan we dachten. Ilona liet mensen transcripten lezen van consulten tussen patiënten en huisartsen, en het bleek dat men helemaal niet in kon schatten of de patiënt of de dokter een man of een vrouw was. En hier won Ilona een prijs voor. Mannen en vrouwen verschillen over het algemeen dus weinig in hun taalgebruik, dus hoe er gesproken wordt. Wel vond Ilona interessante verschillen in de manier waarop mannelijke en vrouwelijke huisartsen en patiënten elkaar onderbreken tijdens het consult. Ze vond dat de meeste onderbrekingen ondersteunend waren (bijvoorbeeld vragen om extra informatie). Bij de huisartsen maakten mannen vaker een niet-ondersteunende onderbreking (in de rede vallen) dan vrouwen, maar bij de patiënten waren het juist de vrouwen die vaker op een niet-ondersteunde manier hun gesprekspartner onderbraken. Ook hier gingen de stereotypen dus niet op.

Wat doet de huisarts vervolgens om tot een diagnose voor de klachten te komen? Door grote databestanden te analyseren vonden we dat vrouwen minder vaak een diagnose kregen voor veelvoorkomende lichamelijke klachten, maar dit verschil werd verklaard doordat ze ook minder lichamelijk onderzoek, beeldvorming en verwijzingen naar specialisten kregen. In een vervolgartikel vonden we dat, ook als vrouwen wel deze vormen van diagnostiek kregen, de kans dat er een afwijking uitkomt kleiner was dan bij mannen.

Wil je dit alles in een overzichtelijke vorm terugzien, kijk dan vooral naar onze praatplaat. Of speel ons kwartet, dat binnenkort uitkomt.

Wat heb ik nog meer geleerd? Heel veel over wc-deuren, dat Aranka en Ilona in de Hoe?Zo!Show kinderen van alles over wetenschap hebben uitgelegd terwijl ze in een elearning internisten in opleiding onderwezen over sekse en gender, en dat de Bakelse appelkanjers het lekkerste streekgerecht zijn met de Alphense revuewafeltjes op een mooie tweede plek.

En hoe leuk en productief wetenschap kan zijn, vooral als je met de allerleukste mensen samenwerkt. Veel dank aan jullie allemaal!

Judith

Corey Morgan, General Practitioners and Gender Bias, 2019. Digital illustration, Australia.