BLOGG 26 (Bezonnen Lezingen Over Gender & Gezondheid)

Onderzoek naar sekse, verwachtingen en taal: pogingen om de kluwen te ontwarren

Nu we over de helft zijn met ons project, voel ik de behoefte om de balans op te maken. Wat hebben we geleerd van het onderzoek dat we gedaan hebben? Voor mij persoonlijk geldt dat onderzoek naar sekse en gender boven alles laat zien dat de wereld één groot spiegelkabinet is, waarin je meestal ziet wat je verwacht te zien.  Het onderwerp daagt ons uit om slimme manieren te vinden om uit te zoeken wat er van sekseverschillen overblijft als we die verwachtingen weghalen. Ik wil jullie in deze column graag meenemen met de stappen die we daarin gezet hebben.

Foto van mefeather, gevonden op Flickr.

In het dagelijks leven categoriseren we er lustig op los, een van de meest geliefde categorieën om de medemens in te delen is: man of vrouw? Deze fundamentele categorisatie gaat snel en onbewust. Je leidt het bijvoorbeeld af aan iemands lichaamsbouw, houding, stem, of kleding. Dit geeft houvast. Aha, concludeer je (onbewust): dit is een vrouw. Dat betekent … en hup, daar komen de stereotypen, verwachtingen en scripts uit het geheime luikje in je geheugen geparadeerd.

De verwachtingen kunnen voortkomen uit maatschappelijke rolpatronen; misschien wil de man de deur open houden voor de vrouw, en verwacht de vrouw dat de man de rekening van de lunch betaalt. Verwachtingen kunnen ook voortkomen uit eerdere ervaringen van jezelf of van de mensen van wie je houdt; je projecteert dan onbewust die oude ervaringen op de man of vrouw die je tegenkomt.  Feitelijk is het bijna onmogelijk is om GEEN verwachtingen te hebben op basis van sekse. Je ziet of hoort namelijk bijna altijd direct of iemand man of vrouw is, en dan is het verwachtingentreintje in je onderbewustzijn al gaan rijden. Je kunt dit niet voorkomen, je voert namelijk zelf niet de regie over die onbewuste processen.

De vraag is nu: zijn mannen en vrouwen echt anders, of worden de verschillen die we zien veroorzaakt door onze eigen verwachtingen? Wetenschappelijk onderzoek beoogt dit type vragen te beantwoorden door slimme methoden te bedenken waarmee je onomstotelijk vast kunt stellen of mannen en vrouwen verschillen, los van de verwachtingen die mensen hebben. In een recent onderzoek van promovenda Ilona hebben we de rol van verwachtingen gedestilleerd door te kijken wat er gebeurt als je de visuele/auditieve informatie weghaalt waarmee mensen doorgaans direct die M/V indeling maken.  Wat gebeurt er als je die informatie niet hebt? Kun je dan op basis van de manier van communiceren afleiden of je met een man of vrouw van doen hebt?

We legden mensen stukken tekst uit arts-patiëntgesprekken voor zonder inhoudelijke sekse-aanwijzingen, en vroegen hen vervolgens om te raden of de arts en patiënt man of vrouw waren, op basis van het gesprek. We gebruikten meerdere gesprekken en varieerden de sekse van de artsen en de patiënten in de gesprekken. De bevindingen suggereren dat respondenten volledig in het duister tastten over de sekse van de sprekers. Dat gold voor zowel het raden van de sekse van de artsen als van de patiënten. Het lukte mensen dus niet beter dan kans om op basis van taal te bepalen wat iemands sekse is.

De respondenten deden wel pogingen om informatie te destilleren over het geslacht van de spreker. Zo vonden we dat ze stereotiep vrouwelijk taalgebruik, zoals het gebruik van onzekerheidsmarkeerders ‘ik denk dat…’, ‘het zou kunnen dat..’ vaker als vrouwelijk typeerden. Ze herkenden dus wel de seksestereotypen in de taal, alleen voorspelden die stereotypen in de taal de sekse van de spreker niet (!). Ook vonden we dat mensen bij de arts relatief vaker gokten dat het een man was, maar die vlieger ging ook niet op. In Nederland is overigens de M/V verdeling bij huisartsen ongeveer 50/50. Mogelijk is het gokje dus gebaseerd op verouderde informatie over de rolpatronen van mannen en vrouwen.

Kortom: zonder de fundamentele visuele en auditieve informatie over de sekse van de spreker waren mensen hopeloos slecht in het inschatten van sekse, en de stereotype verwachtingen op basis van taal en rolpatronen hielpen hen ook niet verder in het raden van het juiste antwoord. Dit suggereert dat verwachtingen weliswaar veel van onze perceptie sturen, maar dat die feitelijk weinig te maken hebben met de werkelijkheid die zich onder je neus afspeelt. We zien wat we denken te zien, maar niet wat er echt is. In de komende maanden willen we dit onderzoek gaan uitbreiden met meerdere gesprekken, om met meer zekerheid generaliseerbare uitspraken te kunnen doen over sekse, taal, rolpatronen en verwachtingen.

De bevindingen doen me denken aan onderzoek van Daphna Joel, hoogleraar in de neurowetenschappen, naar sekse, gender en het brein. Zij concludeert dat je op basis van iemands sekse helemaal niet kunt voorspellen hoe diens brein eruit zal zien. Je kunt hooguit stellen dat het brein van een vrouw waarschijnlijk meer vrouwelijke dan mannelijke eigenschappen zal hebben, maar je kunt niet voorspellen hoeveel van elk en ook niet welke eigenschappen dat zullen zijn. Volgens prof. Joel is elk menselijk brein een uniek mozaïek van mannelijke en vrouwelijke eigenschappen. Kijk vooral dit hele verhelderende interview met haar op Youtube.

Misschien geldt het ook voor taalgebruik, en is de taal van elk mens ook wel een uniek mozaïek van mannelijke en vrouwelijke eigenschappen. We houden u op de hoogte van het vervolgonderzoek!

Enny